Als ik twijfel, ga ik op mijn handen zitten

Vrouw zit op een leren bank met haar hand bij haar kin, in gedachten

De telefoon ligt al in haar hand

Een webinar waar ze zich voor wil aanmelden. Een cursus. Iets wat ze wil kopen. Het maakt niet uit wat. De twijfel komt op, en nog voor ze het doorheeft, ligt haar telefoon in haar hand. Een appje naar een vriendin. Zou jij dit doen?

Ik noem haar Marleen. Rond de zestig, twee volwassen kinderen die ze grotendeels alleen heeft opgevoed. Ze had al veel opstellingen en cursussen gedaan. En toch zei ze aan het begin van haar Mini Familieopstelling: “Ik twijfel zoveel aan mezelf.”

Het begon al voor we goed en wel bezig waren. Ze vond het lastig dat de sessie gratis was. “Mag je het gratis ontvangen? Ja. Verdien je dat? Dat vind ik wel een moeilijke.”

Daar lag het al op tafel. Nog voordat ze het zelf zag.

Elk advies voedt je twijfel

Dit is de valkuil. Als je twijfelt en je haalt het antwoord buiten jezelf, leer je nooit op jezelf vertrouwen. Elke vriendin die je belt, maakt de twijfel een beetje groter. Want als zij het antwoord heeft, heb jij het blijkbaar niet.

Dus ik liet Marleen pen en papier pakken en ik dicteerde:

“Als ik twijfel, ga ik op mijn handen zitten. En dan pak ik niet mijn telefoon. Als ik twijfel, ren ik niet weg van mijn eigen onzekerheid.”

Op je handen zitten klinkt simpel. Het is een van de moeilijkste dingen die er zijn. Want dan voel je het. De onrust. Het niet weten. Het stemmetje dat zegt dat je het vast fout doet.

Ik zei er nog iets bij, misschien wel de hardste zin van de sessie: “Ik kies half voor ik verdien meer. Dan moet je niet verbaasd zijn dat je een half ik-verdien-meer-leven krijgt.”

Wie zit er aan het stuur?

Onder de twijfel zat iets ouds. Als kind voelde Marleen zich niet gewenst door haar ouders. En een kind dat zich niet gewenst voelt, gaat zoeken. Doe ik het goed? Hou je nu van me?

Dat zoeken stopt niet als je volwassen wordt. Het kleine meisje maakt gewoon de hele wereld papa en mama. Iedere vriendin, iedere coach, iedere expert. Ik zei het haar zo:

“Papa en mama gaan niet zeggen dat je de juiste keuze maakt. Dus de rest van je leven wacht je op het antwoord dat papa en mama je niet gaan geven.”

En ik dicteerde nog een zin: “Als ik twijfel, zet de zestigjarige Marleen niet het onzekere meisje dat niet gewenst is door haar ouders achter het stuur.”

In mijn eigen podcast Hart & Zakelijk vertelde ik waarom een kind dat zo doet. Ik ken het namelijk van mezelf:

“Want dat is het nadeel aan kinderen: als je ouders je tekortdoen, dan ga je dat niet bij je ouders neerleggen, je gaat het bij jezelf neerleggen. En als kind ga je niet zeggen: ja, dat ligt aan mijn ouders. Nee, je gaat zeggen: ik ben niet genoeg.”

En wie gelooft dat ze niet genoeg is, gaat bedelen. In De Taboecast, een podcast waar ik te gast was, zei ik: “Geef me alsjeblieft de liefde, ex. Geef me alsjeblieft de liefde, mama. Geef me alsjeblieft de liefde, baas. Vertel me eindelijk dat ik genoeg ben. En dan zo lopen ze door het leven, en dat doen ze in alle relaties.”

Het meisje in de hoek

Ik vroeg Marleen haar ogen dicht te doen en het kleine meisje in haar op te zoeken. Ze zat in een hoek. Boos.

De volwassen Marleen ging bij haar op de grond zitten. Met dezelfde moederliefde waarmee ze ooit haar eigen pasgeboren baby’s vasthield. Niks oplossen. Alleen blijven. De boosheid zakte naar verdriet. Het verdriet naar opluchting. En toen wilde het meisje spelen.

Daarna nam de volwassen vrouw de rugzak met stenen over. Ik gaf haar de woorden: “Geef ze maar aan mij, die rugzak. Het is mijn rugzak, niet van jou. Wees jij maar het kindje.”

Meteen weer de volgende stap

En toen gebeurde het. Ze had de rugzak nog maar net, of ze zei: “Ik wil die last niet meer.” Ze wilde hem meteen laten vallen.

Zie je wat daar gebeurt? Ze had net iets prachtigs gedaan. En meteen was het weer niet goed genoeg. Er moest al een volgende stap komen. Precies het patroon waarvoor ze kwam.

“Je moet niks,” zei ik, “behalve de rugzak niet aan je kleine geven.”

En toen even later toch weer de vraag kwam hoe het nu verder moest, zei ik: “Als nu niet goed genoeg is, is morgen ook niet goed.”

Ze werd stil. Daarna kwam haar eigen conclusie: “Steen voor steen, les voor les.”

Dit doe je niet één keer

Ik zei het met een knipoog, maar ik meende het: “Je innerlijk kind neem je de rest van je leven mee, elke dag weer.”

Er komt geen dag waarop het kleine meisje nooit meer naar het stuur grijpt. Bij elke twijfel, elke ruzie, elke keer dat je moeder belt, probeert ze het. Het verschil is of jij het doorhebt. En of je dan kunt zeggen: ga maar lekker achterin zitten, ik rijd.

Het werk gaat ook niet altijd over iets nieuws leren. Zoals ik tegen Marleen zei: “Soms is het niet iets nieuws leren, maar is het krachtig om het te ontleren.”

Aan het eind schreef ze één zin op: “Een kleine ik die niets meer draagt.”

Wat je deze week kunt doen

Let op het moment dat je je telefoon pakt om advies te vragen over iets wat eigenlijk over jou gaat. Leg hem neer. Ga op je handen zitten. Letterlijk, als het moet.

Vraag het dan eerst aan jezelf. Schrijf je antwoord op, ook als het wiebelig voelt. Vertrouwen groeit niet door gelijk te krijgen van een ander. Het groeit door zelf te kiezen en te merken dat je er daarna nog steeds bent.

En als je een rustige avond hebt: doe je ogen dicht en zoek het meisje op dat ooit besloot dat het antwoord buiten haar lag. Ga naast haar zitten. Je hoeft niks te zeggen. Vraag haar alleen of ze die rugzak aan jou wil geven.

Mild voor haar. Streng voor het patroon. Gun jij het jezelf?

Lees ook Hoe groot moet het masker zijn dat je opzet als leider? en Op welk papiertje sta jij? Geld is status, of geld is liefde.

Ben jij een ondernemende moeder die hierin vastloopt? Lees hoe ik werk als coach voor ondernemende moeders.

Zet hem op deze week.

Liefs,
Jonathan

Wil je hier zelf mee aan de slag?

Ontdek in een gratis Mini Familieopstelling waar jouw patronen vandaan komen.

Plan je gratis Mini Familieopstelling

Stel je vraag aan Saar